Kopafbeelding over-het-cpb CPB

Het onderzoeksprogramma Europa

Het programma Europa richt zich op de effectiviteit van de hervormingen van economisch beleid in Europa. In de komende jaren ligt de nadruk hierbij op beleid dat de productiviteit en de stabiliteit bevordert.

Kenmerkend voor Europa is de grote diversiteit die tot uiting komt in cultuurverschillen, verschillen in nationaal beleid en in divergerende productiviteitsontwikkelingen. Deze divergentie vormt een bedreiging voor de stabiliteit van onder meer de Economische en Monetaire Unie (EMU). Met het programma wil het CPB bijdragen aan de beantwoording van de vraag welke beleidshervormingen kansrijk zijn voor het versterken van groei en convergentie van de productiviteit in de Europese Unie.

Divergentie in Europa

Het CPB onderzoekt wat de oorzaken zijn van divergenties en convergenties in het concurrerend vermogen van de EU-lidstaten. Hierbij wordt geprobeerd om aan te geven tot welke omvang de verschillen tussen EMU-landen kunnen oplopen voordat een gemeenschappelijk monetair beleid onhoudbaar wordt. Analyse van de crisis in het eurogebied heeft geleid tot een speciaal hoofdstuk in de Macro Economische Verkenning 2011.

Productiviteit

Verschillen in productiviteitsgroei zijn verbonden met de economische dynamiek van de start van nieuwe bedrijven, selectie door de markt en marktkenmerken die doorgroei versterken of juist belemmeren.

In 2011 staat een empirische analyse - van het proces van marktselectie en de invloed van marktkenmerken op de doorgroei van nieuwe bedrijven - voor de EU op de onderzoeksagenda. Hierbij wordt dit proces van dynamische productiviteitsselectie in de EU-lidstaten empirisch en modelmatig in kaart gebracht en de rol van overheidsbeleid geanalyseerd. Het onderzoek naar productiviteitsselectie richt zich in eerste instantie op de grootste commerciële dienstensector, de zakelijke dienstverlening.

Innovatie en rechtszekerheid

Innovatie is cruciaal voor toekomstige welvaart en de Europese Commissie hecht in het kader van productiviteitsverhoging veel aan innovatie. Het is daarbij belangrijk dat er instituties in de EU zijn die innovatie ondersteunen. Hoe belangrijk is de mate van bescherming van eigendomsrechten voor innovatie en integratie in de EU? Het CPB kijkt naar de gevolgen van de internationale verschillen binnen Europa in de handhaafbaarheid van patenten. Er wordt onderzocht in hoeverre een betere bescherming van intellectuele eigendomsrechten leidt tot een grotere verspreiding van gepatenteerde producten.

WorldScan

In het voorjaar van 2010 werd het driejarig FP6 Models-project afgesloten. Het resultaat van dit project is een beter op de productiviteitsagenda afgestemde versie van het WorldScan-model. Onder meer zijn nu in dit model arbeidsparticipatie en werkloosheid endogeen geworden en is de modelbeschrijving van de vorming van menselijk kapitaal verbeterd. Bovendien wordt rekening gehouden met het positieve verband tussen concurrentie en innovatie. In het najaar van 2010 wordt deze modelversie gebruikt voor een analyse van de doelstellingen van Europa 2020.

Europese Verkenning

In mei 2010 werd de achtste en voorlopig laatste Europese Verkenning gepubliceerd over het onderwerp Europa's welvaart; de Lissabon Agenda in een breder welvaartsperspectief. De aandacht voor geluk heeft drie dimensies. Eerst de meetbaarheid van geluk op individueel niveau in verschillende landen.

De tweede dimensie is de uitkomst van die meting. Het is dikwijls gebleken dat voorbij een bepaald inkomensniveau de mens nauwelijks nog gelukkiger wordt. Ten slotte is individueel geluk afhankelijk van het groepsgeluk en zijn gelukkiger groepen en samenlevingen innovatiever en rijker. Aandacht voor meer geluk zou dus de productiviteit tot op zekere hoogte kunnen vergroten.

De Lissabon-agenda

Banen en economische groei vormden de kern van de herziene Lissabon-agenda 2005 - 2010. Het CPB heeft de opbrengsten van de doelstellingen en verschillende beleidsopties om productiviteit te verhogen onderzocht. Hierbij zijn kennis en innovatie essentieel.

Relevante publicaties:

De Interne markt: verdieping en uitbreiding

Vijftig jaar na het verdrag van Rome heeft het CPB de interne markt en de handels- en BBP-effecten voor Nederland en Europa geëvalueerd. Er valt nog veel te winnen door de dienstenmarkten verder te integreren. Daarnaast heef het CPB meermalen de uitbreiding van de EU onderzocht.

Subsidiariteit en het EU budget

'Europa' doet er veel meer toe dan vroeger. De afgelopen twintig tot dertig jaar is de Europese Unie geleidelijk betrokken geraakt bij beleidsterreinen die vroeger het exclusieve domein van de lidstaten waren. Dat roept de vraag op in welke mate de huidige, dan wel verdergaande Europese samenwerking economisch wenselijk is.

Economische onderzoekers zien een rol voor de EU weggelegd op de beleidsterreinen hoger onderwijs, innovatie, de interne markt, de vennootschapsbelasting en regionaal beleid voor arme lidstaten. De discussie over de begroting van de Europese Unie verloopt ook niet zonder slag of stoot. Veel lidstaten kijken met argusogen naar hun netto betalingspositie: betalen ze niet te veel aan de EU, vergeleken met wat ze uit de EU terugkrijgen?

Vanuit economisch perspectief is het subsidiariteitscriterium echter veel belangrijker. Vanuit die invalshoek dient zich een aantal fundamentele hervormingen aan bij het Europese landbouwbeleid en het cohesiebeleid (de steun aan achterblijvende regio's).

Deel deze pagina