Kopafbeelding purchasing_power CPB

Koopkracht

Toelichting op koopkrachtcijfers Centraal Economisch Plan 2018
Dinsdag 6 maart 2018 is er een nieuwe raming van de koopkrachtontwikkeling in 2018 en 2019 verschenen. Wat bedoelen we precies met koopkracht? Hoe komen de koopkrachtcijfers tot stand? Wat kun je ermee? En hoe lees je een medianentabel, een boxplot of een puntenwolk? Hier worden deze en andere vragen beantwoord.

Veelgestelde vragen

  • Wat is de mediane koopkrachtontwikkeling?

    Het CPB rapporteert de mediane ontwikkeling, dat wil zeggen dat de helft van de mensen in de groep er minder en de helft er meer op vooruitgaat dan het genoemde getal.

  • Betekent een positieve mediane koopkrachtontwikkeling dat iedereen er op vooruit gaat?

    Nee, dat is niet het geval. Een positieve mediaan wil zeggen dat de meeste huishoudens er op vooruit gaan, maar niet per se alle huishoudens. Rond de mediane koopkrachtontwikkeling zit een doorgaans forse spreiding aan effecten, die het Centraal Planbureau grafisch in kaart brengt met puntenwolken en de boxplot.

  • Waarom berekent het CPB de mediane koopkrachtontwikkeling en niet het gemiddelde?

    Het CPB berekent de koopkracht op basis van een grote steekproef van huishoudens. Zoals in elke grote steekproef hebben we in de koopkrachtramingen te maken met uitschieters (enkele extreem hoge of lage waarden die bijvoorbeeld het gevolg zijn van imperfecties in de dataset). Het gemiddelde kan hierdoor een vertekend beeld geven van de koopkrachtontwikkeling. Vandaar dat het CPB de mediane koopkracht ontwikkeling berekent (evenals het Centraal Bureau voor de Statistiek).

  • Kan ik de CPB-cijfers gebruiken voor inzicht in mijn eigen koopkrachtontwikkeling voor volgend jaar?

    Het CPB berekent de koopkracht volgens de zogenaamde statische koopkrachtdefinitie. Deze definitie is vooral geschikt om te laten zien wat het effect van overheidsbeleid is op het inkomen van huishoudens, gegeven de ontwikkeling van lonen, prijzen en zorgpremies. In deze definitie nemen we bijvoorbeeld niet het effect mee van dat mensen ouder worden, gaan trouwen of scheiden,  of een baan vinden of verliezen. In het algemeen geldt dat dit soort veranderingen in persoonlijke omstandigheden een groter effect op de koopkracht hebben dan beleid. 

  • Kan op basis van de koopkrachtraming van het Centraal Planbureau gesteld worden dat de inkomensongelijkheid toe of af zal nemen de komende jaren?

    Op basis van de koopkrachtraming van het CPB kan een indicatie worden gekregen van wat het effect van overheidsbeleid en lonen, prijzen en zorgpremies is op de inkomensongelijkheid. De inkomensongelijkheid is echter ook afhankelijk van andere ontwikkelingen, zoals wijzigingen in persoonlijke omstandigheden, veranderingen in de samenstelling van de bevolking (zoals de vergrijzing) en economische ontwikkelingen (zoals een toe- of afname van de werkloosheid). Op basis van de koopkrachtraming van het CPB kan dus niet gesteld worden dat de inkomensongelijkheid toe- of afneemt. 

Bijlagen

Deel deze pagina