Centraal Planbureau
Persbericht 3
Datum: 11 februari 2010
Inlichtingen bij: Bas Straathof (tel: 070-3383382) en Dick Morks (tel: 070-3383 410)
Groei topbeloningen het hoogst bij beursgenoteerde ondernemingen
Sinds eind jaren negentig groeien topbeloningen harder dan gemiddeld. Bestuurders van grote, niet-financiële ondernemingen zonder beursnotering verdienen steeds meer omdat de bedrijfsomvang toeneemt. Bij beursgenoteerde ondernemingen is de groei van topbeloningen sterker en komt deze slechts gedeeltelijk door een toename in bedrijfsomvang.Dit zijn de belangrijkste conclusies uit het vandaag gepubliceerde CPB Document Hoge bomen in de polder: Globalisering en topbeloningen in Nederland.
Topbeloningen groeien sneller dan gemiddeld loon
Tot 1998 verdiende de 0,1% van de werkende bevolking met het hoogste loon
1,3% van het totale arbeidsinkomen. Vanaf 1998 is het inkomensaandeel van
deze topverdieners toegenomen tot 2,0% in 2006. De top 0,1% verdient in dat
jaar dus 20 keer het gemiddelde loon. In andere landen is dit veel meer,
bijvoorbeeld ruim 40 keer in Duitsland en bijna 80 keer in de Verenigde
Staten. De ontwikkeling van topbeloningen is niet uniek voor Nederland. Zo
groeit het inkomensaandeel van de top 0,1% in de Verenigde Staten en het
Verenigd Koninkrijk al sinds 1980 en neemt in Zweden het aandeel van de top
0,1% sinds 1990 toe.
Schaalvergroting oorzaak beloningsgroei bij topbestuurders
Tussen 1999 en 2005 is de nominale groei van de topbeloning bij grote
ondernemingen in Nederland 6% per jaar gemiddeld geweest, terwijl de
gemiddelde loonstijging in Nederland 3% was. De groei van topbeloningen is
vooral het gevolg van schaalvergroting. Deze schaalvergroting is
waarschijnlijk het gevolg van globalisering, omdat door grotere markten
vooral de meest productieve bedrijven meer afzetmogelijkheden krijgen.
Groei bij beursgenoteerde ondernemingen is slechts voor een deel te verklaren
Tussen 1999 en 2005 lag de beloning van een bestuurder van een
beursgenoteerde onderneming 52% hoger dan bij een vergelijkbare onderneming
zonder beursnotering. Dit beloningsverschil neemt toe: de nominale
beloningsgroei bij beursgenoteerde ondernemingen is 9% per jaar, hoger dus
dan de gemiddelde groei van 6% bij alle grote ondernemingen. De groei van het
bedrijfsresultaat is daarentegen bij beursgenoteerde ondernemingen lager dan
bij ondernemingen zonder beursnotering. De helft van de beloningsgroei bij
beursgenoteerde ondernemingen kan worden verklaard door inflatie en
schaalvergroting. Voor de andere helft van de beloningsgroei is geen
marktconforme verklaring gevonden. Dit suggereert dat de markt voor
topbestuur minder goed functioneert bij beursgenoteerde ondernemingen dan bij
ondernemingen zonder beursnotering.
Topbeloningen in de publieke sector blijven achter
In de publieke sector blijven topbeloningen achter bij het gemiddelde loon.
Het beloningsgat tussen topbestuurders in het bedrijfsleven en in de publieke
sector neemt daarom extra snel toe. Zo is het salaris van een Nederlandse
minister in de afgelopen twee decennia relatief afgenomen: van 5 keer het
gemiddelde loon in de jaren tachtig naar 4 keer in 2009.
Verschil met Angelsaksische beloningen neemt af
Bij ondernemingen met een Amerikaanse of Engelse eigenaar ligt de beloning
van topbestuurders 20% hoger dan bij vergelijkbare ondernemingen met een
eigenaar uit een niet-Angelsaksisch land. De beloningsgroei ligt bij
Angelsaksische bedrijven echter beneden het gemiddelde, waardoor het verschil
in beloning met andere ondernemingen afneemt. Dit is consistent met het beeld
dat niet-Angelsaksische landen een inhaalslag maken als gevolg van meer
internationale concurrentie.
Mobiliteit bestuurders is weinig veranderd
Ondanks de afname van het beloningsverschil met Angelsaksische landen zijn er
niet meer buitenlandse bestuurders toegetreden tot de top van het Nederlandse
bedrijfsleven: tussen 1999 en 2005 is het aandeel van buitenlandse
bestuurders constant gebleven. Bij bedrijven met een Angelsaksische eigenaar
neemt het aandeel niet-Nederlanders juist af. De gemiddelde lengte van het
dienstverband van bestuurders is ook niet veranderd. Deze bevindingen zijn
niet in overeenstemming met het beeld dat de markt voor topbestuurders steeds
meer een internationale markt is. De invloed van globalisering op
topbeloningen loopt dus vooral via grensoverschrijdende concurrentie op
afzetmarkten en niet via internationalisering van arbeidsmarkten.
CPB Document 199, 'Hoge bomen in de polder: Globalisering en topbeloningen in Nederland', is (gratis) beschikbaar als PDF-bestand.
