Kopafbeelding onderzoek CPB

Arbeidsmarkt

Het programma Arbeid analyseert de werkgelegenheid en werkloosheid ten behoeve van de ramingscyclus en om de invloed van beleid op de Nederlandse arbeidsmarkt beter te begrijpen. Ook andere programma’s besteden aandacht aan de arbeidsmarkt, zoals regionale arbeidsmarktverschillen, de relatie tussen sociale zekerheid, belastingen en arbeidsmarkt en de relatie tussen woningmarkt en de arbeidsmarkt. Binnen het programma Arbeid zelf is veel aandacht voor de flexibilisering van de arbeidsmarkt, voor vraagstukken omtrent de werkgelegenheid en uittreding van ouderen en voor de onderkant van de arbeidsmarkt. Technologische vooruitgang en globalisering beïnvloeden de arbeidsmarkt voor hoog- middelbaar- en laagopgeleiden verschillend.

Ramingen voor de arbeidsmarkt

Werkgelegenheid, werkloosheid en lonen zijn het gevolg van vraag en aanbod op de arbeidsmarkt. Vier keer per jaar maakt het CPB ramingen voor het huidige en het komende jaar voor de arbeidsmarkt. Daarnaast maakt het CPB met enige regelmaat een scenario voor de komende vier jaar en een scenario voor de lange termijn. De ramingen worden ondersteund door onderzoek naar veranderingen in het arbeidsaanbod en werkgelegenheid op de lange termijn. U kunt alle ramingen van het CPB hier vinden. Ten behoeve van de doorrekeningen van verkiezingsprogramma’s zijn tevens twee boeken over Kansrijk Arbeidsmarktbeleid verschenen. 

Onderkant arbeidsmarkt en verdringingsvragen

De werkgelegenheid aan de onderkant van de arbeidsmarkt is en blijft een aanzienlijke beleidsopgave. Door de toename van het opleidingsniveau neemt het aantal laagopgeleiden af, maar tegelijkertijd neemt de vraag naar dergelijke arbeid af door technologische vooruitgang en concurrentie van lageloonlanden. Daarnaast staan veel beroepen voor middelbaar opgeleiden onder druk waardoor een deel van deze groep bij de onderkant van de arbeidsmarkt dreigt aan te sluiten. De afgelopen en aankomende jaren besteedt het programma Arbeid aandacht aan de vraag of de onderkant van de arbeidsmarkt nog verder onder druk komt te staan en of er ook sprake is van verdringing van bepaalde groepen richting de onderkant van de arbeidsmarkt (of zelfs naar werkloosheid).

De arbeidsmarkt voor ouderen

De arbeidsparticipatie van ouderen is de afgelopen jaren sterk toegenomen, en bij iedere stijging van de pensioengerechtigde leeftijd zal deze participatie verder toenemen. Dit roept allerlei vragen op die het programma Arbeid samen met het programma Pensioenen en Levensloop en het programma IPSZ probeert te beantwoorden: Hoe blijven oudere werknemers een productieve bijdrage leveren op de arbeidsmarkt? Wat is de invloed op de sociale zekerheid? Hoe kunnen arbeidsmarktinstituties, zoals subsidies op scholing en mobiliteit, werkloosheidsverzekering en ontslagbescherming, ingericht te worden zodat werknemers en hun werkgevers tijdig investeren in duurzame inzetbaarheid? Kunnen alle groepen meekomen met de stijgende pensioenleeftijd? Hoe reageren mensen op flexibele uittredingsregelingen? 

Flexibilisering

Vier van de tien werkenden in Nederland hebben geen vast contract. Zowel het aandeel flexibele dienstverbanden als het aandeel zelfstandigen zonder personeel (zzp’ers) ligt hoger dan in het buitenland. De groei van flexibele arbeid is bovendien sterker dan in andere Europese landen. Deze toename en het verschil met het buitenland is waarschijnlijk (deels) het gevolg van het Nederlandse beleid. In 2016 besteedde het programma aandacht aan dit verschijnsel en de komende jaren onderzoeken we de relatie tussen flexibilisering en de ontwikkeling van de lonen en de arbeidsinkomensquote (AIQ). Dit laatste doen we samen met het programma Macro-economie en het programma IPSZ. 

Arbeidsparticipatie

In Roads to Recovery (CPB 2014) hebben we als CPB aangegeven dat we -  op basis van de wetenschappelijke inzichten – op macroniveau geen structurele gevolgen van de recessie voor de participatie verwachtten. Nu de grote recessie definitief achter ons ligt, kunnen we de stand opmaken en analyseren hoe het arbeidsaanbod zich na afloop van de recessie heeft hersteld. Recentelijk worden we geconfronteerd met een aantal puzzels bij het opmaken van de stand van het arbeidsaanbod in de ramingscyclus. Op basis van de huidige ramingssystematiek lijkt het arbeidsaanbod van jonge mannen en vrouwen van middelbare leeftijd bijvoorbeeld achter te blijven bij de trendmatige ontwikkeling uit het verleden. Deze ontwikkelingen roepen de vraag op in hoeverre, op welke termijn en onder welke voorwaarden dit latente arbeidsaanbod - dat we momenteel nog denken te hebben - tot realisatie komt, of dat er sprake is van nieuwe trends in het arbeidsaanbod. Als de arbeidsparticipatie van bepaalde groepen zich structureel anders ontwikkelt dan in het verleden, dan zijn er mogelijk mensen die (anders dan we tot op heden dachten) niet of voor een kleiner deel tot het potentiële arbeidsaanbod behoren. Het kerndoel van dit onderzoek is te identificeren of er groepen binnen de Nederlandse samenleving zijn waar sprake is van een structureel veranderde ontwikkeling van de arbeidsparticipatie, de redenen achter deze veranderingen in kaart te brengen en de gevolgen voor de totale arbeidsaanbodontwikkeling te beschrijven.
 

Meest recente publicaties

Arbeidsmarktpolarisatie op regionaal niveau

De laatste decennia is in veel ontwikkelde landen sprake van arbeidsmarktpolarisatie. Dit is de trend waarin de werkgelegenheid in de laagst en hoogst betaalde beroepen in aandeel toeneemt ten koste van banen in het middensegment. Ook in Nederland speelt arbeidsmarktpolarisatie een rol, hoewel de mate van polarisatie in internationaal opzicht beperkt is (Van den Berge en Ter Weel, 2015).

CPB Discussion Paper 358 | 8 november 2017

50 pagina's | pdf document, 2.1 MB

Naar publicatie

Arbeidsmobiliteit van onder water huishoudens

Tijdens de huizenmarktcrisis in 2008-2011 daalden de huizenprijzen in Nederland met gemiddeld 20%. Het aantal huishoudens dat onder water stond steeg tot ruim 1 miljoen; deze 25% van alle huizenbezitters had een hogere hypotheekschuld dan de waarde van hun woning. Voor beleidsmakers is het belangrijk om de interactie tussen huizenbezit, hoge schulden en andere economische uitkomsten te begrijpen.

CPB Discussion Paper 345 | 16 maart 2017

40 pagina's | pdf document, 1.6 MB

ISBN 978-90-5833-767-2 | Naar publicatie

Deel deze pagina