Kopafbeelding publicaties CPB

Aanvullende berekeningen voor het winterpeilbeheer van het IJsselmeer

CPB Notitie, 19 juni 2013

Deze notitie vergelijkt de kosten voor het verhogen van dijkringdelen rond het IJsselmeer, de IJssel- en Vecht delta en het Markermeer en het restrisico voor het overstromen van deze dijkringdelen voor een vijftal varianten om het IJsselmeerpeil te beheersen.

Doordat alleen naar deze twee effecten wordt gekeken, betreft deze notitie geen volledige maatschappelijke kosten-batenanalyse (MKBA) van de doorgerekende varianten.

De twee meest onderscheidende varianten betreffen het volledig wegpompen van het IJsselmeerwater vanaf 2020 en het altijd blijven spuien van het IJsselmeerwater, waardoor het streefpeil van het IJsselmeer meestijgt met de zeespiegel. Nieuw zijn een drietal ‘tussenvarianten’ waarbij de komende decennia het IJsselmeerwater wordt gespuid (en dus het streefpeil tijdelijk meestijgt met de zeespiegel). Nadat het streefpeil respectievelijk 10, 20 of 30 cm is meegestegen, wordt alsnog overgestapt op het volledig wegpompen van het IJsselmeerwater. Deze vijf varianten zijn onder verschillende scenario’s en uitgangspunten doorgerekend, waaronder de W+- en G-klimaatscenario’s van het KNMI.

Onder alle scenario’s en uitgangspunten blijkt het volledig wegpompen (met een pompcapaciteit van 2.000 m3/s) van het IJsselmeerwater aanmerkelijk goedkoper te zijn dan de andere onderzochte varianten.

Een oorspronkelijk doel van deze studie was om de vijf varianten ook door te rekenen uitgaande van een zo goed mogelijke inschatting van de ‘echte’ overstromingskans van elk dijkringdeel in 2015. Hierbij zou dan dus rekening worden gehouden met eventuele ‘overhoogte’ (=extra veiligheid) of ‘onderhoogte’ (=minder veiligheid) dan de huidige wettelijke normen impliceren. Helaas bleken tijdens de uitvoering van dit project dat de beschikbare basisgegevens dermate veel vragen opriepen, dat op dit punt geen betrouwbare locatiespecifieke analyse kon worden uitgevoerd. Desondanks zijn enkele ‘what if’ analyses uitgevoerd op basis van - theoretisch - veronderstelde ‘overhoogte’. Hierdoor gaan bij alle varianten de benodigde kosten voor dijkversterking aanmerkelijk omlaag. De onderlinge verschillen tussen de varianten blijven min of meer in tact.

Deel deze pagina