Kopafbeelding publicaties CPB

De economische effecten van buitenlandse promovendi

CPB Policy Brief 2016/01, 19 februari 2016

Het opleiden van buitenlandse promovendi lijkt positief uit te pakken voor de Nederlandse economie. Zij vormen geen kostenpost voor de Nederlandse overheidsfinanciën. De belastingafdrachten van buitenlandse gepromoveerden die in Nederland blijven werken, compenseren de gemaakte kosten tijdens het promotietraject.

Lees ook het bijbehorende persbericht.

Daarnaast kunnen buitenlandse promovendi via onder meer spillovers en de inbreng van nieuwe ideeën breder bijdragen aan de Nederlandse welvaart. Deze bredere welvaartseffecten zijn moeilijk kwantificeerbaar.

Wereldwijd worden steeds meer promotieplekken vervuld door buitenlanders. In Nederland komt de toename van het aantal promovendi de laatste jaren volledig voor rekening van buitenlanders. Met ongeveer 40% is het aandeel buitenlandse promovendi in Nederland relatief hoog.

De economische effecten van buitenlandse promovendi hangen af van verschillende factoren. Buitenlandse promovendi kunnen bijdragen aan de (kennis-)productie in een land en hebben gevolgen voor de overheidsfinanciën. Voor de overheidsfinanciën zijn kosten verbonden aan het opleiden van de promovendi, maar deze kunnen later worden terugverdiend via belastingafdrachten van gepromoveerden die in het land blijven werken. Of een land per saldo profiteert, is afhankelijk van de blijfkansen en latere lonen van de promovendi.

In Nederland zijn de kosten voor het opleiden van buitenlandse promovendi relatief hoog, omdat zij als werknemer in dienst zijn van de universiteit. Op de korte termijn staat hier een maatschappelijke bijdrage tegenover in de vorm van de uitgevoerde onderzoeks- en onderwijstaken. Tijdens het promotietraject worden vaardigheden geleerd die op lange termijn betere perspectieven op de arbeidsmarkt kunnen bieden. Over de gehele levensloop zijn de jaarlijkse inkomsten van gepromoveerden gemiddeld ongeveer 6% hoger dan die van afgestudeerden met alleen een masterdiploma.

Tien jaar na het afronden van de promotie blijkt 32% van de buitenlandse promovendi nog in Nederland te werken. Buitenlandse gepromoveerden zijn relatief vaak werkzaam in de private sector en hebben gemiddeld een hoger loon dan Nederlandse gepromoveerden. Het substantiële aandeel blijvers en de hoge lonen van buitenlandse promovendi zorgen ervoor dat de opleidingskosten worden terugverdiend door de Nederlandse overheid.

Deel deze pagina