Kopafbeelding publicaties CPB

De effecten van gedwongen verkopen op huizenprijzen

CPB Discussion Paper 304, 10 maart 2015

Sinds de kredietcrisis van 2008 zijn de huizenprijzen in Nederland sterk gedaald. Huiseigenaren die vanwege bijvoorbeeld een echtscheiding, arbeidsongeschiktheid of werkloosheid hun huis moesten verkopen, werden daardoor steeds vaker geconfronteerd met een restschuld. We onderzoeken de effecten van gedwongen verkopen op huizenprijzen in Nederland.

Verschillende auteurs laten zien dat een gedwongen verkoop twee effecten kan hebben. Ten eerste is de verkoopprijs bij gedwongen verkopen vaak lager dan bij vergelijkbare, reguliere verkopen. Ten tweede kan een gedwongen verkoop externe ("besmettings") effecten hebben op de verkoopprijs van omliggende woningen. Het bestaande empirische onderzoek heeft betrekking op Amerikaanse huizenmarkten en het is niet vanzelfsprekend dat de bevindingen ook gelden voor de Nederlandse huizenmarkt.

In dit onderzoek bestuderen we de effecten van gedwongen verkopen met een zogenaamde NHG-garantie. De Nationale Hypotheek Garantie (NHG) verzekert huiseigenaren en banken tegen het restschuldrisico dat ontstaat bij een gedwongen verkoop als gevolg van echtscheiding, arbeidsongeschiktheid of werkloosheid. Sinds juli 2014 geldt een maximaal hypotheekbedrag van 265.000 euro om in aanmerking te kunnen komen voor een NHG-garantie. Tussen juli 2009 en juli 2014 lag de NHG-grens tijdelijk hoger, om de woningmarkt te stimuleren. Mede daardoor is het aantal huishoudens met een NHG-hypotheek sterk gestegen sinds het begin van de crisis. Om bij gedwongen verkoop onder NHG-garantie in aanmerking te komen voor kwijtschelding van de restschuld, moeten huishoudens en banken aan een aantal voorwaarden voldoen. Zo is de huiseigenaar verplicht het huis goed te onderhouden en moet de bank proberen het huis voor een zo hoog mogelijke prijs te verkopen.

Uit onze analyse blijkt dat de verkoopprijs bij een gedwongen verkoop in Nederland ongeveer 5 procent lager ligt dan de prijs bij de reguliere verkoop van een vergelijkbare woning. Dit effect is veel kleiner dan de prijseffecten uit eerdere Amerikaanse studies. Een mogelijke verklaring hiervoor is de institutionele setting in Nederland, waarbij de NHG stuurt op een zo hoog mogelijke verkoopprijs door eisen te stellen aan banken en huizenbezitters. Daarnaast vinden we een klein effect van gedwongen verkopen op de verkoopprijs van omliggende woningen: een gedwongen verkoop binnen een straal van honderd meter leidt tot een 0,4 procent lagere verkoopprijs. We vinden een iets groter extern effect wanneer we alleen kijken naar de verkoopprijzen van huizen in het lagere segment, onder de NHG-grens. Dit suggereert dat een gedwongen verkoop via een vergroting van het lokale huizenaanbod leidt tot lagere prijzen.

Deel deze pagina