Kopafbeelding publicaties CPB

Juniraming 2017: economische vooruitzichten 2017 en 2018

CPB Policy Brief 2017/08, 14 juni 2017

De seinen voor de Nederlandse economie staan op groen. De internationale omgeving ontwikkelt zich positief, met een groei van de relevante wereldhandel van ongeveer 4% in beide jaren. De breed gedragen economische groei komt uit op 2,4% in 2017 en 2,0% in 2018, wat gunstig afsteekt tegen de gematigde structurele groei. De consumptie groeit onder invloed van een toename van het reëel beschikbaar inkomen. De investeringen trekken aan, vooral in 2017, met nog steeds de investeringen in woningen aan kop. De uitvoer profiteert van de internationale ontwikkelingen.

Lees het bijbehorende persbericht, bekijk de bijbehorende ramingscijfers. De infographic met de conclusies van de Juniraming 2017 is hieronder als PDF-bijlage-bestand opgenomen.

In het kielzog van het bbp staan ook de seinen voor de arbeidsmarkt op groen. De werkgelegenheid groeit sterk, het aantal vacatures neemt toe waardoor zowel werklozen als toetreders tot de arbeidsmarkt steeds vaker een baan kunnen vinden. De werkloosheid daalt naar 4,7% in 2018.

Toch blijven de loongroei en de inflatie achter bij de gunstige ontwikkelingen van de economische groei en de werkgelegenheid. De conjuncturele opleving van het bbp en toenemende krapte op de arbeidsmarkt zorgen nog niet voor een sterke opwaartse druk op lonen en prijzen. Mogelijke redenen voor de gematigde contractloonstijgingen zijn de toegenomen flexibilisering van de arbeidsmarkt en het onbenutte potentieel van mensen die nog buiten de arbeidsmarkt staan. Mogelijke verklaringen voor de gematigde inflatieontwikkeling zijn de internationale concurrentiedruk en de geringe effectiviteit van het monetaire beleid om de inflatie te verhogen. De contractlonen groeien met 1,7% en 2,0% in 2017 en 2018, de inflatie (hicp) komt uit op 1,4% in beide jaren.

Ook de overheidsfinanciën staan er goed voor, met een overschot van 0,5% in 2017 en 0,7% in 2018. Dit zorgt in combinatie met de economische groei voor een daling van de schuldquote naar 55%. De koopkracht neemt in beide jaren licht toe – de stijging van het beschikbaar inkomen wordt grotendeels bepaald door de toename van de werkgelegenheid.

De seinen voor de Nederlandse economie kunnen op oranje springen, als internationale onzekerheden bewaarheid worden. In Europa kunnen de toekomstige ontwikkelingen van het onconventionele monetaire beleid, van de uittreding van het VK en ten aanzien van de financiële stabiliteit van een aantal Zuid-Europese lidstaten de seinen op oranje zetten. Buiten Europa blijven de economische koers van de VS en de economische ontwikkeling van China van belang voor de Europese en Nederlandse economieën. De seinen kunnen echter ook nog dieper groen kleuren als een positief consumenten- en producentenvertrouwen, een breder gedragen groei in de EU en de versnelde handelsgroei elkaar blijven versterken.

Bijlagen

Deel deze pagina