Kopafbeelding publicaties CPB

Op weg naar een effectiever grotestedenbeleid

CPB Werkdocument 117, 1 januari 2000

In augustus 1999 heeft het Ministerie van Binnenlandse Zaken het CPB gevraagd de ontwikkelingsplannen van 25 steden te evalueren. Deze plannen zijn het resultaat van een overeenkomst tussen de nationale overheid en 25 steden waarvoor een speciaal 'Grote Steden Beleid' is ontworpen.

Lees ook het bijbehorende persbericht.

Dit nationale 'Grote Steden Beleid' bevat een integrale aanpak van de sociaal-economische problemen in de grote steden in Nederland. In december 1999 heeft de regering afspraken gemaakt over de uitvoering van deze plannen voor de periode 2000-2004 en de financiƫle bijdrage van 16,5 miljard gulden van de centrale overheid. Totale kosten van deze plannen bedragen 100 miljard gulden voor de periode 2000-2004.

In de periode september-november 1999 heeft het CPB een algemene evaluatie gemaakt van de belangrijkste beleidsmaatregelen in de ontwikkelingsplannen. Vanwege het korte tijdsbestek en de vereiste kennis van specifieke lokale omstandigheden, was het niet mogelijk om een evaluatie van de individuele plannen te maken. De evaluatie concentreerde zich op de effectiviteit van de beleidsmaatregelen in het verminderen van de stedelijke sociaal-economische problemen. De belangrijkste sociaal-economische problemen van de 25 grote steden zijn ernstige werkloosheid, een relatief slechte kwaliteit van de woningen en openbare ruimtes en relatief hoge criminaliteit. De 25 steden hebben beleidsmaatregelen voorgesteld op het gebied van stedelijke vernieuwing (huisvesting), arbeidsmarktprogramma's, transport infrastructuur, de openbare veiligheid, onderwijs en sociale thema's.

Dit werkdocument rapporteert over de bevindingen van de algehele evaluatie van de plannen. Een belangrijke conclusie is dat er een grote uniformiteit is in de voorgestelde beleidsmaatregelen.

Terwijl de belangrijkste problemen en comparatieve voordelen tussen de 25 steden in aard en omvang verschillen, zijn de plannen zeer vergelijkbaar en geven ze weinig prioriteit aan de belangrijkste lokale sociaal-economische problemen. De effectiviteit van een groot aantal beleidsmaatregelen lijkt niet groot. Verschillende maatregelen, met name op het gebied van economische stimulering en het openbaar vervoer, geven geen antwoord op de werkloosheid en de stedelijke verkeersproblemen. De lokale aanpak is niet erg effectief op het gebied van arbeidsmarkt en vervoer, waar de regionale problemen groter zijn dan in de stad. Er is gebrek aan aandacht voor de belemmeringen en stimulansen voor partijen die betrokken zijn bij de uitvoering. De financiƫle paragrafen zijn niet transparant. De positieve kant van dit leerproces van het formuleren van stedelijke ontwikkelingsplannen is dat steden worden gestimuleerd om een betere diagnose van hun problemen te maken en integraal beleid te formuleren. We hopen dat de evaluatie de mogelijkheden vergroot voor een effectiever grotestedenbeleid.

Deel deze pagina