Kopafbeelding publicaties CPB

Welvaartseffecten door het stabiliseren van Europese wisselkoersen

CPB Onderzoeksmemorandum 129, 1 januari 1996

Europa staat aan de vooravond van een radicale verandering: ten hoogste 15 nationale munteenheden zullen worden vervangen door een gemeenschappelijke Europese munt en het monetaire beleid worden gecentraliseerd op Europees niveau.

Er bestaat een grote hoeveelheid literatuur over de mogelijke gevolgen van deze beleidsverandering. Voorbeelden hiervan zijn de verminderde omrekenkosten en de kosten verbonden aan het afdrukken en wennen aan een nieuwe munt. Belangrijker zijn echter misschien wel de invloeden die de EMU zal uitoefenen op de uitvoering van het economisch beleid. De literatuur over de optimale muntunie richt zich op de kosten van het opgeven van een economisch beleidsinstrument door het onherroepelijk vaststellen van de intra-Europese wisselkoersen. De literatuur over optimale belastingheffing wijst op het mogelijke verlies van inkomsten uit royalties voor landen met een hoge inflatie. De politiek-economische literatuur erkent de reputatie-effecten van de EMU met betrekking tot zowel het monetaire als het fiscale beleid.

Toch lijkt een argument grotendeels over het hoofd te zijn gezien: de EMU schaft wisselkoersrisico's af die een potentieel grote invloed kunnen hebben op de portefeuilles van internationale investeerders. Inderdaad, de duidelijk aanwezige voorkeur voor het land van herkomst in de meeste internationale portefeuilles suggereert een belangrijke rol voor het wisselkoersrisico. Bijgevolg kan het prijsgeven ervan ernstige gevolgen hebben voor de beslissingen ten aanzien van de portefeuilleverdeling van internationale investeerders. Aan de andere kant kunnen de efficiëntievoordelen van stabilisatie van de wisselkoers minder groot zijn. Door herstructurering van hun portefeuilles, kunnen beleggers in staat zijn zich in te dekken tegen het wisselkoersrisico. Bovendien kunnen variabele wisselkoersen aanleiding zijn voor speculatiewinsten. Beleggers die zich realiseren dat een munt gaat devalueren, kunnen van de gelegenheid gebruik maken om hun portefeuilles te herzien ten nadele van die munt. Wisselkoersstabilisatie zal beleggers deze winstkansen ontnemen doordat productiegrenzen naar binnen verschuiven.

Dit onderzoeksmemorandum onderzoekt de efficiëntiewinsten waarvan internationale investeerders kunnen profiteren door de EMU. Analytisch wordt aangetoond dat het effect positief of negatief kan zijn, afhankelijk van het feit of het voordeel van risicovermindering belangrijker is dan het verlies dat geleden wordt door de vermindering van speculatieve winsten. Bovendien wordt aangetoond dat de winst uit risicovermindering afhankelijk is van de grootte van de overheidsschuld en de invoer van goederen en diensten uit het buitenland. Numerieke berekeningen ondersteunen deze conclusie: sommige berekeningen wijzen op een nettowinst, anderen op een nettoverlies. Vervolgens laten deze berekeningen zien dat de welvaartswinst sterk verschilt in de EU. De welvaartswinst heeft met name de neiging om groter te zijn voor landen met een kleine staatsschuld en weinig import uit het buitenland. Tot slot duiden onze numerieke berekeningen op een ondergeschikte rol voor de wisselkoersstabilisatie. Voor de EU als geheel wordt een welvaartswinst van maximaal 0,3 procent berekend die toe te schrijven is aan de stabilisering van de wisselkoersen.

Dit is een Engelstalige publicatie.

Deel deze pagina