6 november 2012

De maatschappelijk optimale energie-transitie in een woonwijk in Nederland

Energiebelasting verstoort verwarmingskeuze Nederlandse huishoudens

Persbericht
Bijna alle huishoudens maken op dit moment gebruik van een Hoog Rendement-ketel (HR-ketel) om hun huis te verwarmen. Sinds enige tijd zijn echter goede alternatieven beschikbaar. Bijvoorbeeld de HRe-ketel (een mini-elektriciteitscentrale) en een luchtgekoelde warmtepomp met gasbijstook.
Main image

Maar de huidige energiebelasting bevoordeelt zonder duidelijke reden de HRe-ketel ten koste van de alternatieven. Dat concludeert CPB-onderzoeker Arie ten Cate onder andere in het CPB Discussion Paper 222 ‘The socially optimal energy transition in a residential neighbourhood in the Netherlands’.

De bevoordeling van de HRe-ketel komt tot uiting via de energiebelasting. De energiebelasting op elektriciteit is namelijk veel hoger dan de energiebelasting op gas. Huishoudens met een HRe-ketel krijgen energiebelasting terug over de thuis geproduceerde elektriciteit. Dat betekent dat zij een impliciete subsidie krijgen van 11,4 cent per kWh. Een huishouden met een bestaande woning betaalt voor een HRe-ketel op deze manier gemiddeld slechts 45 euro per jaar aan energiebelasting, terwijl dat huishouden met een HR-ketel of een warmtepomp met gasbijstook respectievelijk 340 en 455 euro per jaar kwijt is.

Het herstellen van deze onevenwichtigheid is mogelijk, betoogt Ten Cate. Bijvoorbeeld via budgetneutrale herziening van de energiebelasting in de 1e belastingschijf op basis van de CO2-uitstoot die vrijkomt bij het elektriciteit- en gasverbruik. Dit zou betekenen dat het tarief voor elektriciteit met 3,2 cent per kWh moet dalen, terwijl het tarief op gas juist met 7,0 cent per m3 zou moeten stijgen. Hetzelfde huishouden betaalt in een dergelijke situatie aan energiebelasting voor de HR-ketel 490 euro per jaar, voor de HRe-ketel 330 euro en voor de warmtepomp met gasbijstook 420 euro.

Woordvoerders

Edwin van de Haar Lees verder

Lees ook bijbehorend persbericht.

Tevens wordt het steeds goedkoper om met zonnepanelen (zon PV) zelf elektriciteit op te wekken.

In dit paper is via een geïntegreerd technisch-economisch model onderzocht bij welke keuzes de kosten voor de energievoorziening in een fictieve wijk minimaal zijn. Daarbij is rekening gehouden met alle maatschappelijk relevante kosten, zoals de investeringkosten in decentrale apparatuur, het energieverbruik van huishoudens, de kosten verbonden aan de uitstoot van CO2 en de kosten van het elektrische netwerk. De uitkomsten laten zien dat het maatschappelijk optimaal is om in (bijna) alle huizen een warmtepomp te gebruiken. Dit resultaat is robuust. Alternatieve aannames over, bijvoorbeeld de kosten verbonden aan de uitstoot van CO2 of de netwerkkosten, leiden niet tot een andere uitkomst. ZonPV komt overigens bij de gehanteerde CO2 prijzen niet aan bod.

Tevens is onderzocht bij welke keuzes de kosten voor huishoudens minimaal zijn als rekening gehouden wordt met de bestaande energiebelastingen in plaats van CO2-kosten. In dit geval worden geen warmtepompen gebruikt. Dit komt vooral omdat de verhouding van de energiebelastingen op elektriciteit en gas te hoog is. Het verlagen van deze verhouding vermindert deze verstoring.

Om het model te gebruiken (met GAMS) of tabel 18 te verifiëren (met Octave/Matlab), download het onderstaande 'ingepakte' bestand (Indien nodig: hernoem het bestand eerst van .txt naar .zip, en pak het daarna uit).

Na de publicatie resulteerde uit de reacties van lezers het volgende:
   Wat betreft het effect op de mWKK (HRe) van de scheve verhouding tussen de belasting op aardgas en op elektriciteit (paragraaf 5.1.3 en het persbericht): hierover zijn in juli 2009 Kamervragen gesteld en de Volkrant en VrijhandelsOptiek hebben erover geschreven. Het ging daarbij in het bijzonder om een extreme situatie waarbij het voor de bewoner loont ook op warme dagen de mWKK te stoken vanwege de daardoor verminderde elektriciteitsrekening, inclusief belasting. Zie Energieraad, 20 juli 2009 en Tweede Kamer, 2009.
   Lees-tip: als je niet vertrouwd bent met formules, zou je kunnen beginnen bij paragraaf 4 (blz 9).
   Blz 11: "starting at 20 euro": ruwweg de feitelijke waarde in de jaren tot 2010.
   Erratum: volgens paragraaf 5.3, eerste alinea, is in de bestaande woning de warmtepomp (van lucht naar water) maatschappelijk optimaal. Maar dit is in het algemeen enigszins onrealistisch. Met dank aan Arjen de Jong van Energy Matters. Dit probleem is bevestigd door de leverancier van de Profiel Generator data (Kema), waar de berekeningen op gebaseerd zijn. De reden is dat de warmtepomp een lage watertemperatuur oplevert, zodat er verbouwd moet worden om een groter totaal radiatoren-oppervlak te krijgen. In een nieuwe woning (die bovendien een kleinere warmtevraag heeft) kan daarmee bij de bouw rekening gehouden worden. Als de warmtepomp hierdoor niet optimaal is, wordt de HR-ketel ("CB") optimaal.

Downloads

Engels, txt, 25.7 KB
Engels, txt, 25.7 KB

Contactpersonen

Arie ten Cate Lees verder