Kopafbeelding publicaties CPB

Het individuele rendement op promoveren in Nederland: inkomensverschillen tussen Masters en PhD’s

CPB Discussion Paper 276, 19 mei 2014

Promovendi hebben in de eerste jaren na het behalen van hun Master-diploma een relatief laag inkomen, maar vanaf elf jaar werkervaring verdienen zij jaarlijks meer. Het hogere inkomen gedurende de latere jaren is voldoende om de initiële inkomensderving terug te verdienen. Dit is een Engelstalige publicatie.

Het inkomenspatroon suggereert een positief rendement op promoveren over het hele werkende leven tussen de zes en negen procent, afhankelijk van de meetmethode.

Het individuele rendement van promoveren verschilt sterk tussen mannen en vrouwen. Terwijl gepromoveerde vrouwen over de eerste twintig jaar jaarlijks gemiddeld acht procent meer verdienen dan niet-gepromoveerde vrouwen, verdienen mannelijke gepromoveerden zeven procent minder dan mannelijke Masters. Het positieve inkomenseffect bij vrouwen lijkt voor een groot deel te komen doordat vrouwelijke gepromoveerden gemiddeld vier uur meer per week werken dan vrouwelijke Masters.

Het aantal mensen dat in Nederland jaarlijks promoveert is sinds 2000 met meer dan zeventig procent gestegen. Het grootste deel van de promovendi komt terecht buiten de universiteit. Dit roept de vraag op wat de individuele baten zijn van promoveren in termen van inkomen en arbeidsmarktpositie. In dit paper vergelijken we het inkomen van gepromoveerden met het inkomen van personen met alleen een Master-diploma maar met dezelfde werkervaring. Hiervoor gebruiken we gegevens over het inkomen van Masters en gepromoveerden gedurende de eerste twintig jaar van hun loopbaan. In dit onderzoek wordt gebruik gemaakt van inkomensgegevens over de jaren 1999 tot en met 2010 van 5900 mensen die tussen 1990 en 2008 zijn gepromoveerd en 6600 Masters die niet zijn gepromoveerd. In de vergelijking wordt rekening gehouden met een aantal verschillen in kenmerken tussen beide groepen, waaronder de studieduur. Desalniettemin kunnen we niet volledig uitsluiten dat verschillen in vaardigheden of voorkeuren de resultaten beïnvloeden.

Deel deze pagina