Kopafbeelding publicaties CPB

Kinderopvang in Kaart

CPB Notitie, 27 oktober 2011

Deze CPB Notitie brengt de markt voor kinderopvang in Nederland in kaart. Het gaat hier om opvang in kinderdagverblijven (KDV) voor kinderen tot vier jaar en buitenschoolse opvang (BSO) voor kinderen die al naar de basisschool gaan.

Lees ook het bijbehorende persbericht.

Het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) heeft het Centraal Planbureau gevraagd om de recente ontwikkeling in verschillende publieke belangen die met kinderopvang gemoeid zijn te analyseren. Het ministerie verstaat onder deze belangen i) de toegankelijkheid van de opvang, waaronder de betaalbaarheid, ii) de kwaliteit van de opvang en iii) de doelmatigheid van opvanginstellingen. Het wil weten in hoeverre de introductie van de vraagfinanciering heeft geleid tot veranderingen in deze drie belangen. De vraag is of er ongunstige ontwikkelingen opgetreden zijn die eventueel om beleidsaanpassingen vragen.

Het doel van deze CPB-notitie is om de exercitie van het toenmalige ministerie van Economische Zaken naar het effect van marktwerking op de ontwikkeling in de trits publieke belangen (toegankelijkheid, kwaliteit en doelmatigheid) uit te breiden voor de kinderopvangsector. Dit gebeurt door zoveel mogelijk recente databronnen te raadplegen. Het gaat hierbij bijna uitsluitend om bestaande databronnen, die voor het merendeel niet eerder voor een marktwerkingsstudie zijn ingezet. Naast het ontsluiten van deze nieuwe informatie onderscheidt deze notitie zich door deze databronnen, waaronder het register van kinderopvanginstellingen, door het CBS verzamelde financiële gegevens van de sector (productiestatistiek) en de toeslaggegevens van de Belastingdienst, aan elkaar te koppelen en zo met elkaar in verband brengen. Door de data op lokaal niveau te combineren en vervolgens econometrisch te analyseren, ontstaat er een completer beeld van de ontwikkelingen in de markt voor de kinderopvang. Dit beeld bevat een nieuwe, ruimtelijke representatie van de wachtlijstproblematiek. Daarnaast worden resultaten gepresenteerd naar inkomensklasse van afnemers van kinderopvang en worden de aanbieders onderscheiden naar rechtsvorm.

De notitie is als volgt opgebouwd. Hoofdstuk twee bespreekt de onderzoeksopzet. Hoofdstuk drie behandelt vervolgens het institutionele kader rondom vraagfinanciering. Hoofdstuk vier beschrijft de ontwikkeling in het aanbod van kinderopvang en de concurrentie tussen verschillende instellingen. De toegankelijkheid van de opvang wordt behandeld in hoofdstuk vijf, terwijl de kwaliteit van de opvang in hoofdstuk zes wordt beschreven. Hoofdstuk zeven belicht de financiële kant van de opvanginstellingen met het oog op doelmatigheid. In hoofdstuk acht ten slotte, worden de conclusies gepresenteerd en wordt bezien of deze geëxtrapoleerd kunnen worden naar de toekomst. Bijlage B1 gaat in op de publieke belangen die het ministerie heeft geformuleerd en plaatst deze in een economische, welvaartstheoretische context. Ook worden de gebruikte datasets en indicatoren uitgebreid beschreven in de bijlagen B2 en B3. Ten slotte presenteert bijlage B4 kaarten van Nederland om de geografische spreiding in diverse indicatoren aan te geven, en geeft bijlage B5 tabellen met uitgebreide regressieresultaten weer.

Deel deze pagina