Kopafbeelding publicaties CPB

Kansrijk Woonbeleid

CPB Boek 24, 23 mei 2016

Kansrijk woonbeleid belicht de effecten van beleidsmaatregelen op het gebied van de huur- en koopmarkt. Maatregelen die aan de orde komen betreffen de huurregulering, het domein van woningcorporaties, de hypotheekrenteaftrek, de overdrachtsbelasting en het eigenwoningforfait.

Lees het bijbehorende persbericht.

In de afgelopen tien jaar is een uitvoerig maatschappelijk debat gevoerd over de doelmatigheid van het gevoerde woonbeleid (bijvoorbeeld Besseling et al., 2008; Donders et al., 2010; SER, 2010). Het debat heeft geresulteerd in breed gedeelde opvattingen over mogelijke beleidshervormingen ter verbetering van het functioneren van de woningmarkt (bijvoorbeeld Werkgroep Brede heroverwegingen, 2010; Wonen 4.0, 2012). Het gaat hierbij om het geleidelijk afschaffen van de subsidiëring van het eigenwoningbezit, het streven naar marktconforme huren, het stimuleren van het middensegment van de huursector en een sterkere focus van de corporatiesector op het huisvesten van huishoudens met een laag inkomen. Randvoorwaarden daarbij zijn de toegankelijkheid en betaalbaarheid voor de lagere inkomens. De recente beleidsmaatregelen van de Rijksoverheid bevatten een aantal van deze elementen. In dit rapport worden, in het verlengde van het gevoerde Rijksbeleid, maatregelen geanalyseerd die aan de verschillende doelen van woonbeleid bijdragen.

Het doel van Kansrijk woonbeleid is om politici, beleidsmakers, bestuurders en maatschappelijke organisaties inzicht te geven in de effecten van woningmarktmaatregelen. We richten ons daarbij op het functioneren van de woningmarkt op de lange termijn en de doelmatigheidswinsten die daar te behalen zijn. Daarnaast kijken we ook naar de effecten op betaal- en vermogensrisico’s voor huishoudens die op de korte termijn optreden.

De belangrijkste conclusies zijn dat maatregelen die de subsidiëring van het wonen verminderen, substantiële doelmatigheidswinsten met zich meebrengen. Dit heeft tegelijkertijd consequenties op de korte termijn in de vorm van lagere huizenprijzen met grotere vermogensrisico’s en hogere huurprijzen met hogere betaalrisico’s. Grotere winst op de lange termijn gaat vaak hand in hand met grotere risico’s bij huishoudens op de korte termijn, vooral op de koopmarkt. Hiermee maakt dit rapport het dilemma waar politici en beleidsmakers voor staan bij de hervorming van de woningmarkt, inzichtelijk. Aan de hand van de gedetailleerdere beschrijving van zowel de individuele maatregelen als de pakketten van maatregelen kan de lezer, gegeven de afbakening van het onderzoek en de modellen, een nauwkeuriger beeld krijgen van de mogelijkheden en consequenties van nieuw woonbeleid.

Deel deze pagina