This document is in Dutch, there is no English translation.
January 30, 2018

Opties voor de toekenning van onderzoeksbeurzen

Experimenten met andere manieren om onderzoeksbeurzen in de wetenschap toe te kennen kunnen helpen om het selectieproces efficiënter te maken. Momenteel ontvangt minder dan een op de vijf onderzoekers die een aanvraag indienen bij de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO), een subsidie. Alternatieve manieren om onderzoeksbeurzen te verdelen kunnen de kosten verminderen of de kwaliteit van het gehonoreerde onderzoek verbeteren. Dit concludeert het Centraal Planbureau (CPB) in de vandaag verschenen publicatie ‘Opties voor de toekenning van onderzoeksbeurzen’

Minder dan een op de vijf onderzoekers die een aanvraag indienen bij de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO), ontvangt een subsidie. De kosten van het selectieproces om de subsidies toe te kennen, kunnen oplopen tot meer dan 20 procent van het totaal te verdelen budget. Deze kosten bestaan zowel uit het schrijven van voorstellen door onderzoekers als het evalueren van de aanvragen door beoordelingscommissies. Hier staan - moeilijk in geld uit te drukken - baten tegenover in termen van de kwaliteit van het gehonoreerde onderzoek.

Opties om de kosten te reduceren zijn het ‘afschaffen van deadlines voor aanvragers’, een ‘gefaseerde selectie’ en ‘loting’. Ervaringen in het buitenland wijzen erop dat het afschaffen van deadlines het aantal aanvragen met meer dan 50 procent kan terugdringen. Dit brengt de kosten sterk omlaag, te meer omdat het schrijven van aanvragen de grootste kostenpost van het selectieproces lijkt te zijn. Een eerdere proef bij de NWO heeft laten zien dat een gefaseerde selectie de kosten voor zowel aanvragers als beoordelaars kan beperken zonder noemenswaardige consequenties voor de voorstellen die uiteindelijk worden gehonoreerd. Mogelijk besteden beoordelingscommissies nu onnodig veel tijd aan het rangschikken van voorstellen die kwalitatief nauwelijks van elkaar verschillen. Een maatregel die hier ook op aangrijpt, is loting in de middengroep met voorstellen van vergelijkbare kwaliteit. 

Opties om de kwaliteit van het gehonoreerde onderzoek te verbeteren zijn ‘monitoring’ en het bieden van een ‘vergoeding voor beoordelaars’. Bij de toekenning van de ERC-beurzen maakt de Europese Commissie gebruik van deze instrumenten. Monitoring na toekenning van een subsidie geeft onderzoekers een prikkel om te handelen in lijn met de gehonoreerde subsidieaanvraag. Ook kan deze maatregel het aantal aanvragen beperken. Een sterkere verantwoordingsverplichting kan onderzoekers bewegen alleen nog voorstellen in te dienen die zij daadwerkelijk kunnen waarmaken. Een vergoeding voor beoordelaars maakt de kosten van beoordelingstaken inzichtelijk. Deze maatregel maakt het aantrekkelijker voor goede beoordelaars om deel te nemen aan een commissie. Kwalitatief goede beoordelaars kunnen zorgen voor een betere toekenning (waarbij de beste voorstellen worden gesubsidieerd).

Elk van de genoemde alternatieven heeft naast voordelen mogelijk ook belangrijke nadelen, waardoor het op voorhand niet duidelijk is welke optie de voorkeur verdient. Experimenten zijn bij uitstek geschikt om in de praktijk te toetsen welk selectieproces het meest efficiënt is. 

Contacts

Foto Roel van Elk
Roel van Elk +31 6 29037909 Read more
Anne Marieke Braam Read more
Foto Benedikt Vogt
Benedikt Vogt +31 6 50630893 Read more
Rinske Windig Read more

Read more about