Kopafbeelding publicaties CPB

Vennootschapsbelasting en rechtsvorm van ondernemingen in de EU

CPB Discussion Paper 97, 17 januari 2008

De dalende vennootschapsbelastingtarieven in de EU sinds begin jaren '80 zijn gepaard gegaan met stijgende opbrengsten van de vennootschapsbelasting. Dit artikel onderzoekt in hoeverre deze divergentie kan worden verklaard uit een verschuiving van inkomen van BV's naar NV's. Deze publicatie is Engelstalig.

Lees ook het bijbehorende persbericht.

Daartoe wordt een panel gebruikt voor Europese bedrijven met gegevens over hun rechtsvorm. Er wordt onderzocht in hoeverre de rechtsvorm samenhangt met de tarieven van de inkomstenbelasting en de vennootschapsbelasting. De resultaten suggereren significante effecten: een tariefverschil van 1% leidt tot 1% verschuiving van ondernemingen naar een andere rechtsvorm. De gevolgen van lagere tarieven in de vennootschapsbelasting -- mogelijk veroorzaakt door belastingconcurrentie -- zullen daarom voor een deel tot uitdrukking komen in een lagere opbrengst van de inkomstenbelasting en niet zozeer in een lagere vennootschapsbelasting. Simulaties suggereren dat tussen de 12 en 21% van de opbrengst van de vennootschapsbelasting kan worden toegerekend aan inkomensverschuiving. Sinds 1990 zou de opbrengst van de vennootschapsbelasting gemiddeld in Europa met 0,25% van het BBP zijn gestegen door inkomensverschuiving.

Deel deze pagina