15 april 2021
CPB Column - Ton Manders

Het Nationaal Groeifonds – appels en peren

Photo of Ton Manders
Mijn dochter woont sinds kort in een huis met tuin. Als verjaardagcadeau hebben we haar een appelboom en een perenboom gegeven. Nu maar hopen dat die bomen over enkele jaren vrucht dragen, al gaat het toch ook om de bloesem in de lente en de kleuren in de herfst.
Ton Manders
sectorhoofd bij het Centraal Planbureau
Photo of Ton Manders

Ook het Nationaal Groeifonds (NGF) heeft de eerste stekjes geplant. Op vrijdag 9 april heeft de ministerraad de eerste miljarden uit het NGF verdeeld. Het gaat om investeringen op het gebied van innovatie, kennis en infrastructuur die op termijn voor groei en bloei moeten zorgen. Het CPB heeft een analyse gemaakt van alle veertien investeringsvoorstellen uit de eerste ronde. Die analyse is door de Commissie van het NGF gebruikt om het kabinet te adviseren.

Vergelijken

Hoe vergelijk je appels met peren? Voorstellen verschillen sterk van elkaar. Het gaat het om experimenten in het onderwijs, grensverleggende innovatie zoals quantumcomputing, maar ook om meer traditionele investeringen in infrastructuur. Wat alle voorstellen gemeen hebben, is dat ze bomen beloven die tot in de hemel groeien.

Het CPB legt alle voorstellen langs de meetlat van: legitimiteit, effectiviteit en efficiëntie. Legitimiteit gaat over de vraag of er wel een rol voor de overheid is en of het middel niet erger is dan de kwaal. Effectiviteit gaat over de opbrengsten van het voorstel. In hoeverre pakt het voorstel het probleem aan? Daarbij zijn naast het effect op het bbp ook bredere maatschappelijke baten van belang. Efficiëntie kijkt naar de verhouding tussen alle kosten en baten.

Er bestaan goede argumenten voor de overheid om te investeren. De ‘markt’ kan het niet alleen. Private partijen laten soms kansen liggen, ze nemen niet altijd het algemeen belang mee in de keuzes die ze maken. Zo zullen bedrijven minder investeren in innovatie dan wenselijk is, omdat ze geen rekening houden met kennis-spillovers. In economenjargon is er dan sprake van marktfalen. Overigens hoeft de overheid niet slechts als een loodgieter markten te repareren, de overheid kan ook markten creëren. Dat laatste vraagt om een meer missie-gedreven aanpak (een vrouw op de maan). Publieke investeringen kunnen zodoende bijdragen aan oplossingen voor breed gedragen maatschappelijke opgaven. Dat vraagt aan de politiek om prioriteiten te stellen; laat geen duizend bloemen bloeien.

Verdienvermogen

De focus lag bij de voorstellen sterk op duurzaam verdienvermogen (uitgedrukt in bruto binnenlands product, bbp). Bbp-effecten geven in onze ogen een scheef beeld van de waarde van een voorstel. Zo leidt een hoger onderwijsniveau op termijn tot hogere inkomens die in het bbp landen, maar daarnaast zijn er ook positieve effecten op gezondheid, criminaliteit en sociale cohesie. Beter openbaar vervoer leidt tot reistijdwinst en minder files. Voor een deel komen die ‘ winsten’ in het bbp terecht, maar ook het sociaal en recreatief verkeer zal ervan profiteren. Het perspectief van brede welvaart is dan ook meer geschikt om naar voorstellen te kijken.

Het is niet gemakkelijk en vaak onmogelijk om een goede inschatting van de effecten van een voorstel te maken. De economische literatuur laat ons hier nog in de steek. Innovaties zijn onzeker, en als een innovatie een succes wordt, is het lastig om aan te geven hoe groot het toekomstig marktaandeel zal zijn. Experimenten kunnen (en mogen) mislukken. Effecten manifesteren zich pas echt bij een succesvolle uitrol. Nu tasten we ook weer niet volledig in het duister, zo hanteren we voor infrastructuur kengetallen op basis van onze ervaring met maatschappelijke kosten-batenanalyses. 

Om de bomen van het NGF tot volle wasdom te laten komen, zijn een goede voedingsbodem en veel (na)zorg belangrijk. De beste vruchten krijg je op een geënte stam. Veel voorstellen kunnen nog meer aandacht geven aan de inbedding en aan de continuïteit
Later dit jaar start de tweede ronde. Met de bredere openstelling belooft dat veel nieuwe stekjes die op termijn vrucht gaan dragen. Veel werk waarschijnlijk voor de Commissie en het CPB. Ik hoop dat  we door de bomen het bos blijven zien. Nu schoffel ik voor even in de tuin van mijn dochter.

Ton Manders (sectorhoofd fysieke omgeving)

Reageer via A.J.G.Manders@cpb.nl

alle columns en artikelen

Ton Manders

sectorhoofd bij het Centraal Planbureau

Reageer via A.J.G.Manders@cpb.nl