19 februari 2019

Verschillen in leerresultaten tussen basisscholen

Kwaliteit basisschool lees je niet af aan de cito-score

Persbericht
De gemiddelde cito-score van een basisschool in een bepaald jaar hangt slechts deels samen met de kwaliteit van de school. Verschillen in de achtergrond van leerlingen, toevallige fluctuaties van jaar op jaar en verschillen in kenmerken en prestaties van medeleerlingen verklaren samen een aanzienlijk deel van de verschillen tussen basisscholen. Dit blijkt uit de vandaag verschenen CPB publicatie ‘Verschillen in leerresultaten tussen basisscholen’.
Main image

Voor ouders en beleidsmakers die willen weten hoe een school presteert, is het relevanter naar de score over meerdere jaren te kijken, dan naar één jaar. In de score over één jaar kunnen toevallige uitschieters een grote rol spelen door het beperkte aantal leerlingen waarover de gemiddelde cito-score van een school berekend wordt. Daarnaast zijn voor beleidsmakers het onderscheid tussen het effect van achtergrondkenmerken, het effect van medeleerlingen en de kwaliteit van de school van groot belang. Verschillen in samenstelling van de leerlingpopulatie vragen namelijk om heel andere beleidsinterventies dan verschillen in de kwaliteit van het onderwijs.

Woordvoerders

Dick Morks +31 6 51681611 Lees verder

Het CPB heeft op verzoek van het ministerie van Onderwijs, Cultuur & Wetenschap onderzoek gedaan naar de volgende drie onderzoeksvragen:

  1. Hoe groot zijn de verschillen in leerresultaten tussen scholen nadat zo goed mogelijk rekening is gehouden met verschillen in leerlingpopulatie? 
  2. Variëren de schoolverschillen die overblijven na rekening te houden voor kenmerken van leerlingen, sterk over tijd (voor dezelfde school)? 
  3. Welke school- en lerarenkenmerken hangen samen met deze verschillen?
     

Deze drie vragen richten zich op verschillende verklaringen voor de verschillen in leerresultaten (i.e. de gemiddelde cito-score van een school). De eerste onderzoeksvraag richt zich op verschillen in leerlingpopulatie als verklaring voor verschillen in leerresultaten. De tweede vraag onderzoekt in hoeverre toevallige uitschieters een rol spelen, omdat het leerresultaat berekend wordt als gemiddelde over een klein aantal leerlingen. De laatste onderzoeksvraag gaat in op de twee laatste verklaringen. Enerzijds op verschillen in leerresultaten als gevolg van groepseffecten (voor de leerresultaten van een individuele leerling maakt het uit wie zijn klasgenoten zijn). Anderzijds kunnen scholen ook in kwaliteit verschillen en geeft de derde onderzoeksvraag inzicht in welke schoolkenmerken samenhangen met verschillen in kwaliteit.

Deze notitie laat zien dat elk van de drie andere verklaringen een aanzienlijke rol speelt in de totstandkoming van verschillen in leerresultaten tussen scholen. Verschillen in leerresultaten (gemiddelde cito-score) tussen scholen kunnen niet direct geïnterpreteerd worden als kwaliteitsverschillen.  Een vijfde van de verschillen tussen scholen kan verklaard worden door verschillen in achtergrondkenmerken van de leerlingpopulatie. Daarnaast blijkt de voor leerlingpopulatie gecorrigeerde cito-score (het schooleffect) flink te fluctueren van jaar op jaar. Van de scholen die in een jaar tot de 10% scholen met het laagste schooleffect behoren, zit maar een kwart het jaar daarop weer in die groep. Door meerdere cohorten samen te nemen, spelen toevallige uitschieters een kleinere rol. Ten slotte blijken ook de kenmerken en prestaties van medeleerlingen invloed te hebben op de prestatie van individuele leerlingen en daarmee op de leerresultaten van de school. 

Contactpersonen

Foto Jonneke Bolhaar
Jonneke Bolhaar +31 6 46941319 Lees verder
Foto Bas Scheer
Bas Scheer +31 6 15104800 Lees verder

Lees meer over